Het glasvocht is de gelei-achtige massa in het oog. Ze vult de ruimte achter in de oogbol. Met de jaren verandert die gelei van samenstelling en komt ze los van de achterzijde van het oog, en daaruit ontstaan de afwijkingen van het glasvocht. Zo'n achterste glasvochtloslating komt niet alleen door de leeftijd, maar ook door bepaalde aandoeningen, door sterke
bijziendheid en door een stoot tegen het oog. Ook erfelijke aanleg weegt mee, net als eerdere operaties aan het oog.
Het woord komt uit het Latijn en betekent zoveel als "glasachtig". Bij gewervelde dieren en bij de mens is de ruimte tussen het netvlies en de ooglens met deze gelei gevuld. Ze maakt ongeveer tachtig procent van het oogvolume uit en ligt tegen het netvlies aan. Ze wordt soms verward met het kamerwater, de vloeistof tussen het hoornvlies en de ooglens.
Het glasvocht bestaat voor negenennegentig procent uit water; de rest zijn collageenvezels, zouten, suikers en eiwitten. Die eiwitten zijn geen collageen en komen in kleinere hoeveelheden voor dan de collageenvezels. In de collageenvezels overheerst type 2, samen met de types 5, 9 en 11, en dat samenspel geeft het glasvocht zijn gelei-achtige, heldere karakter. Omdat er geen bloedvaten in zitten, blijft het volkomen doorzichtig.
Waardoor verandert het glasvocht?
De leeftijd weegt het zwaarst, maar er zijn meer
oorzaken. Diabetes kan bloedingen in het glasvocht geven. Ook sterke bijziendheid speelt mee in dat proces.
Met de jaren wordt het glasvocht vloeibaarder, wat liquefactie heet. Bij mensen tussen 40 en 50 jaar verandert het glasvocht bij ongeveer een kwart, bij mensen tussen 80 en 90 jaar bij ruim zes op de tien. Vloeibaar worden komt daarbij het vaakst voor. Verandert de ordening van het collageen, dan wordt de massa juist steviger. Licht gaat er dan minder gemakkelijk doorheen, en dat geeft
mouches volantes.
Welke aandoeningen komen eruit voort?
De aandoeningen die uit een veranderd glasvocht voortkomen, laten zich op verschillende manieren kennen. Ziet u lichtflitsen of zwevende vlekjes, of doet uw oog pijn, ga dan meteen naar een oogarts.
Glasvochtdegeneratie
Dat het glasvocht met de jaren verandert, heet
glasvochtdegeneratie. Op latere leeftijd is dat heel gewoon. Het verloopt in twee stappen. De eerste is synchysis: het glasvocht wordt vloeibaar. De tweede is syneresis, waarbij er ondoorzichtige klontjes in de massa ontstaan. Het glasvocht wordt troebel en het zien gaat moeizamer. Van het eerste merkt u niets, maar tegelijk ziet u wel mouches volantes door het beeld zweven.
Glasvochtloslating
Na het veertigste levensjaar blijft de ruimte in het oog even groot, maar neemt de hoeveelheid glasvocht af. Het glasvocht komt daardoor los van het netvlies waaraan het vastzat, en dat heet een
glasvochtloslating, in de vakliteratuur een achterste glasvocht- of hyaloïdloslating.
Als ze met de jaren optreedt, is dat volkomen normaal. Bij mensen boven de vijftig komt ze bij ruim de helft voor, bij mensen van vijfenzestig en ouder bij twee op de drie.
Hoe gewoon ze ook is, ze kan andere aandoeningen met zich meebrengen: een
netvliesloslating, het vitreomaculair tractiesyndroom, een netvliesscheur en een bloeding in het glasvocht.
Asteroïde hyalose
Bij
asteroïde hyalose wordt het glasvocht troebel doordat er bolvormige deeltjes in ophopen. Die witgele deeltjes kunnen zo talrijk worden dat de rest van het oog niet meer te beoordelen valt. Patiënten merken er zelden iets van. De aandoening komt bij ongeveer één op de honderd mensen voor en zit meestal in één oog.
Een maculagat
Een
maculagat ontstaat wanneer de cellen in de gele vlek, het midden van ons zien, hun samenhang verliezen. Midden in de macula ontstaat dan een opening, en dat tast het zien sterk aan.
Vitreomaculair tractiesyndroom
Deze aandoening ontstaat wanneer het glasvocht bij het loskomen aan de gele vlek trekt en die vervormt.
Een bloeding in het glasvocht
Een
glasvochtbloeding is een bloeding in het glasvocht zelf. Meestal komt ze door diabetes. Naar de oorzaak wordt enkele weken tot enkele maanden gewacht of ze vanzelf optrekt; gebeurt dat niet, dan volgt een
vitrectomie. Gaat de bloeding samen met een netvliesscheur, dan kan er ook meteen geopereerd worden. Dat hangt af van uw toestand en van de beoordeling van uw arts.
Netvliesscheur en netvliesloslating
Komt het glasvocht van het netvlies los en trekt het daarbij een stukje weefsel mee, dan ontstaat er een
netvliesscheur. Blijft die onbehandeld, dan loopt er vocht onder het netvlies en volgt een netvliesloslating. Een scheur die vroeg wordt ontdekt, is vaak met de laser te behandelen; een netvliesloslating vraagt meestal om een operatie.
De behandeling
Wat er gebeurt, hangt af van de situatie, en daarom wordt eerst vastgesteld om welke afwijking het gaat. Veranderingen door de leeftijd, zoals mouches volantes, hoeven vaak niet behandeld te worden; belemmeren ze het zien duidelijk, dan kan een laserbehandeling of een vitrectomie worden overwogen.
Afhankelijk van de oorzaak wordt er met de laser of op een andere manier behandeld. Wat er bij welke afwijking gebeurt, bepaalt de arts. Ga bij klachten aan het glasvocht dus eerst naar een oogarts en handel naar de diagnose.
Lees ook wat lenzenvloeistof is en waarvoor ze dient.